ONDERWIJS EN COACHINGSPRAKTIJK 
Annemarie Laseur

"Ik vind het een uitdaging om met het kind te ontdekken
waarom iets niet lukt en te zoeken naar wat wel werkt.
Dat maakt dit werk zo boeiend en fijn om te doen!"

Blog

overzicht:  volledig / samenvatting

Hoe ik mijn angst over vlinders overwon (deel 2)

Geplaatst op 29 augustus, 2019 om 20:00

Onlangs schreef ik al over mijn angst over vlinders en hoe ik het ben aangegaan door onderzoek te doen naar de diepere laag. Mijn schaamte over mijn angst was in de loop van de jaren alleen maar groter geworden. Dit kwam omdat ik was blijven hangen in mijn gevoel. Dat was mijn waarheid geworden en elke keer bij het zien van een vlinder of een goedbedoelde opmerking van iemand uit mijn omgeving werd het alleen maar erger.


Alleen het onder ogen komen van het werkelijke probleem kon nog een bijdrage leveren en dat mocht ik doen met Cobie, die mij liefdevol begeleide met het proces. Ze maakte daarbij gebruik van Teken je gesprek, een tool die coachgesprekken visueel ondersteund zodat je snel tot de kern komt en emoties, gedachten en de werkelijke gebeurtenis uit elkaar haalt.


Nadat we het probleem helemaal onderzocht hadden kwam de vraag "hoe zou je het willen?" IK WIL NAAR DE VLINDERTUIN< ZONDER DAT IK GA GILLEN, WEGDUIK OF TERUGVAL IN EEN VAN MIJN OUDE GEWOONTES. We hebben bedacht wat ik allemaal zou kunnen doen en vervolgens een plan van aanpak gemaakt.


Mijn eerste actiepunt was het zoeken naar een plek waar ik niet meer onder vlinders uit kon. Ik besloot dat het de vlindertuin moest worden. Niet in Emmen, maar Artis. Die is klein en heeft qua diversiteit niet zoveel vlinders. Ik heb op de website gelezen over de vlindertuin en me verdiept in de verschillende soorten vlinders die daar gehuisvest zijn. Dat wil zeggen, vooral het bekijken van de plaatjes zodat ik voorbereid ben op wat ik ga zien. Het fijne was dat ik op de site ook ontdekte dat elke dag om 11.00 uur de verzorger in het verblijf is om vragen van het publiek te beantwoorden. Dat is een hele geruststelling, ik zou nooit alleen zijn en als ik onverwacht toch helemaal ga flippen kan ik in ieder geval nog gered worden. Een fijne, helpende gedachte.


OK, tot zover geen probleem. Nu nog er heen. Inmiddels zijn een paar maanden verstreken. Nu het vakantie is ga ik er heen. De dagen ervoor slaap ik onrustig, wat als??? Ik merk dat het me niet helpt en overweeg zelfs één moment het maar bij een wens te laten. Tot ik me realiseer dat ik mezelf kan helpen door voor te stellen hoe het zal zijn als ik er ben.


In gedachten loop ik richting de vlindertuin. Ik wacht net zolang tot ik voel dat ik er klaar voor ben. Zachtjes schuif ik de flappen plastic aan de kant en ga het avontuur in. Ik sta daar helemaal alleen, te trillen op mijn benen, ik voel de warmte, de klamme lucht en merk ook dat het zweet me uitbreekt. Dan realiseer ik met dat ik nog geen vlinder gezien heb. Ik beeld me in hoe het is om één van die rijkelijk gekleurde vlinders op me af te zien komen. Ik schrik! Ik zie mensen om me heen kijken en vragen of het gaat. Omdat ik alle tijd heb om me in te beelden hoe het zal zijn, lukt het me te bedenken dat het mijn proces is en dat ik daar MIJN! tijd voor ga nemen.


Dit inzicht had ik zo nodig. Ik doe dit voor mijzelf! En voor niemand anders! Ik ga hier heen om aan mijzelf te bewijzen dat het OK! is. Ik ben aan niemand verantwoording schuldig en weet dat ik dit op mijn manier mag doen. Wat een opluchting, wat een lucht, wat een ruimte!


Na een paar dagen ga ik met mijn jongste zoon vol vertrouwen naar Artis. Ik heb er zin in, dit is de dag dat ik ECHT niet meer bang hoef te zijn. Rond 11 uur zijn we bij het vlinderverblijf. Mijn zoon kan niet wachten en gaat vast naar binnen en na een minuut is hij al weer terug! Mam, het is echt maar een klein rondje, kom je ook? JA, ik zucht nog eens diep en voel dat het goed is. Ik loop rustig achter hem aan naar binnen. Ik sta hier, op het pad meteen oog in oog met een paar vlinders. Ik voel dat het goed is, maar ik voel ook dat ik naar buiten wil. Ik besluit het laatste te doen. Alsof je gaat duiken en eerst even voelt hoe koud het water is. Ik koel even af achter de plastic flappen en voel dan echt dat ik het kan. Ik loop naar binnen, het pad op. Ik sta te trillen op mijn benen, maar ik ben er. Ik kijk naar de vlinders om me heen. Ik ben op het pad, zij zitten rustig op de bananen, stukken kiwi en sinaasappel. En dan, toch onverwacht schiet er één voor me langs, ik duik ineen en meteen is daar een liefdevolle oudere dame. "Gaat het?" Ja, zeg ik, laat me maar, het is iets waar ik doorheen moet. En zo voelt het ook. Ik wil wat dieper de tuin in en besluit mijn capuchon op te zetten, het geeft een veilig gevoel. Ik hoef alleen op te letten op wat er voor me afspeelt. Langzaam glijdt de spanning van mijn lijf, voelen mijn benen weer stevig en durf ik me open te stellen voor alles wat ik zie.


De verzorger heb ik niet gezien, volgens mijn zoontje was die er wel. Ik had hem gelukkig niet nodig. Ik had mijn helpende gedachte, "Laat me maar, het is mijn proces, ik wil dit en doe het op mijn tempo"!



Hoe ik mijn angst over vlinders overwon (deel 1)

Geplaatst op 16 augustus, 2019 om 11:10

Ik heb (of eigenlijk had) een enorme angst voor vlinders en heb er genoeg van. Mijn angst staat me zo in de weg, het belemmert me zo in mijn functioneren dat ik eigenlijk ook geen keus meer heb. Ik moet hier iets aan doen! Als het me lukt in mijn werk om kinderen en pubers inzicht te geven in hun angsten, dan moet het mij ook lukken om dit te overwinnen. In dit verhaal beschrijft ik mijn ervaring dat me hiertoe heeft doen besluiten en hoe ik samen met één van mijn Teken je gesprek collega's mijn angst heb onderzocht.



Ik ben moe en ga naar bed. Ik loop naar boven, naar de badkamer. Ik draai de dop van de tandpasta, pak mijn tandenborstel en dan ... een gil. Oorverdovend, nog één en nog één en voor ik het weet lig in in de badkuip. Hoe ik daar gekomen ben weet ik niet meer. Mijn man komt inmiddels aangerend om poolshoogte te nemen van wat zojuist gebeurd is. Hij heeft de telefoon in de aanslag en vraagt of hij 112 moet bellen. Hij schuift het douchegordijn weg, weer een gil en treft me daar aan, bevend onder de badmat.


Het had zomaar een begin kunnen zijn van een thriller of een spannend verhaal. Dat is het niet, het is waargebeurd, het is mijn laatste ervaring met vlinders dat mij heeft doen besluiten dat het ZO niet meer langer kan. Mijn diepe angst voor vlinders moet ik onderzoeken! Ik moet hier van af, zo als het nu gaat kan het niet meer.


Mijn man vraagt in lichte paniek wat er aan de hand is. Hij dacht dat ik was uitgegleden en wat gebroken had. Ik probeer mijn best te doen om te vertellen wat er is gebeurd. In plaats van dat kan ik alleen maar huilen en gillen, huilen en gillen. Terwijl ik mijn best doe te vertellen wat er is gebeurd heb ik geen controle meer over mijn gevoel. Mijn hele lijf schokt, huilt en trilt onophoudelijk. Met het kleine beetje lucht wat ik voor mijn gevoel nog heb kan ik alleen nog maar "spiegel" uitbrengen. Mijn man kijkt naar de spiegel en ziet zichzelf. "Ja, zegt hij droog, als ik mezelf zo zou zien zou ik me ook rot schrikken!" Ik kan er niet om lachen en probeer vanuit mijn tenen "vlinder" te zeggen. In plaats van praten kan ik alleen maar gillen. Gillen en huilen. Ik blijf liggen in bad, met het douchegordijn om me heen als bescherming. Ik tril als een rietje en voel me klein en hulpeloos.


Eruit klimmen is geen optie, dan moet ik langs de spiegel, de spiegel waar op de houten rand mijn angst zit. Een dikke grote bruine mot...


Als ik langzaam weer wat tot rust kom probeer ik met horten en stoten te vertellen wat er is gebeurd. Ik zou mijn tanden poetsen en zodra ik in de spiegel keek stond ik oog in oog met een donkere, bruine, veel te grote mot op de rand van de spiegel. Mijn man pakt liefdevol de mot van de rand en werpt hem uit het dakraam. Inmiddels staat ook mijn jongste zoon met grote ogen te kijken welk tafereel zich afspeelt in de badkamer. "Gaat het mam?" vraagt hij met een ongerust stemmetje. Tranen rollen over mijn wangen en een woord uitbrengen kan ik niet. NEE!!! kan ik alleen maar denken. Ik schaam me rot voor deze vertoning, voor mijzelf, voor mijn man en kind. Ik voel me vies terwijl ik nog steeds in bad lig. Ik tril, ik snik, ik zweet. Het komt uit alle poriën van mijn lijf en tranen blijven over mijn wangen stromen.


Dit is de grens!!! Dit kan niet meer! Dit wil ik niet meer, nooit meer!


Ik durf niet meer uit bad te stappen. Ik ben te slap, te vermoeid van wat zich zojuist heeft voltrokken. Ondanks de wetenschap dat de mot niet meer in de badkamer is, durf ik er niet meer uit. Ik heb niet gezien dat hij uit het raam is gegooid, dus wie zegt dat die ook echt weg is? Ik schaam me voor deze gedachte. Ik vertrouw mijn eigen man niet eens. Ik schaam me, voor mijn angst, voor mijn gedrag, voor mijzelf... Langzaam kruip ik uit de badkuip, vlucht naar de slaapkamer en verstop me al huilend onder de dekens.


Ik werk als remedial teacher en coach en begeleid met Teken je gesprek regelmatig kinderen en pubers met diverse angsten. Ik geef les in het toepassen van Teken je gesprek. Teken je gesprek is een krachtig en visueel hulpmiddel om problemen zichtbaar te maken en tot inzicht te komen. Ik weet dat dit me gaat helpen en besluit samen met één van mijn collega's mijn angst te onderzoeken.


Het is inmiddels een maand of 3 later dat ik in de badkamer oog in oog stond met de mot. De tussenliggende tijd heb ik nagedacht over de oorsprong van mijn angst.

  • Mijn oma had het niet zo op beesten. Als we in de tuin zaten wapperde ze met alles het dier weg, of het nu een vlinder, vlieg, bij of kat was. Met een hoog en bescheiden stemmetje zei ze dan: "Hé... ga naar je vrienden.. akelig rotbeest." Daar konden we altijd om lachen, vooral omdat ze onze lieve kat ook hekelde.
  • Als kind gingen we regelmatig naar de dierentuin in Emmen en een bezoek aan de vlindertuin hoorde daar ook bij. Als kind kende ik alleen het citroentje en de dagpauwoog. In de vlindertuin zijn ze groter, gekleurder en vooral veel. Ik bewoog me wel rond, maar voelde me er niet fijn. Mijn angst werd gezien door mijn ouders, ik kreeg bij het volgende bezoek een hoedje op, dat hielp, ze fladderden niet meer om mijn hoofd, maar zaten wel op mij jurk. Ik had een lief jurkje aan met bloemetjes, niet zo handig natuurlijk, want dan komen ze wel heel dicht bij.
  • Ik weet nog goed dat er op een moment in de krant een artikel stond over een bijzondere tropische vlinder. Erg groot, in mijn herinnering zijn de vleugels zo groot als handen van een volwassen man. Die was uitgekomen en zou een paar dagen leven. We boekten een rondleiding met de verzorger die er van alles over vertelde, zo ook dat het vliegen van deze vlinder zoveel energie kost dat het zijn dood zou zijn. Das mooi, was mijn gedachte, dan kan ik rustig van dichtbij een kijkje nemen. Ik loop op de vlinder af en op het moment dat ik er met mijn neus bovenop sta herschikt het beest zijn vleugels. Ik deins achteruit en weet niet meer hoe ik het heb.


Ik denk dat dit het punt is dat mijn angst voor vlinders diep in mij geworteld is. Ik kan geen vinder meer zien of ik duik ineen, gil of ren weg. Mijn kinderen maken er inmiddels grapjes over. Maar zo erg als in de badkamer heb ik het nog nooit meegemaakt.


Inmiddels zit ik met Cobie aan tafel om samen met mij mijn angst te onderzoeken. Daar zit ik dan, het papier voor me en het woord vlinders in het midden in het blauw op papier. Ik kijk erna en voel me niet goed. Langzaam schuif ik mijn stoel wat verder weg. Zweet breekt me uit, mijn ademhaling wordt sneller, ik tril. Cobie stemt af, beweegt mee van het papier af en geeft me de ruimte om mijn gevoel toe te staan. Het papier in het midden is te heftig, zodra het bij Cobie op schoot ligt voelt het beter. Er ontstaat ruimte om bij mijn gedachten te komen. Met veel moeite komen de eerste eruit. Cobie noteert ze en eenmaal uitgesproken gaat het makkelijker wat ik denk en voel onder woorden te brengen. Uiteidelijk lukt het me ook om het resultaat, IK GIL EN LIG MET DE BADMAT OVER ME HEEN IN BAD uit te spreken. Ik voel meteen DIT WIL IK NIET MEER!


Door alleen al de rode gedachten op papier te zetten ontstaat er een voor mij belangrijk inzicht. De angst zit niet in mij, maar in mijn gedachten! Ik ben door allemaal opmerkingen uit mijn omgeving me gaan schamen voor mijn angst. Die schaamte werkte als voer voor mijn angst en hield zich daarmee in stand! Ik reageer als een peuter, terwijl ik een volwassen vrouw ben die net als ieder ander wel bang is voor iets. Zoals de één bang is voor spinnen of muizen, ben ik bang voor een vlinder. Het werk bevrijdend! Ik moet van al de spanning naar de wc.


Ik loop naar de wc, ga zitten en zie hoog boven aan het plafond een mot zitten. Ik schrik, maar denk meteen, ik zit hier, jij zit daar. Het is OK! Als ik weg loop is er een lachje, zie je wel, ik kan dit aan. Voor ik de deur sluit bedank ik de mot.

Ochtendritueel in de soep

Geplaatst op 1 december, 2018 om 16:30

Jacco en zijn vrouw  komen in mijn praktijk omdat ze zich zorgen maken over de ontwikkeling van hun oudste zoon. Jesse (4 jaar) is hooggevoelig en gaat sinds kort naar de basissschool. Daarvoor waren er al regelmatig spanningen in het gezin, maar door de veranderende situatie is dit vaker en heftiger. Ze willen graag hun verhaal doen en kijken naar oplossingen die voor hun werken. 

In de eerste sessie bespreek ik met beide ouders wat er goed gaat en wat er niet goed gaat. Het is mooi wat hier al ontstaat omdat er voor hun gevoel veel niet goed ging. Het blijkt dat ze door alle spanningen vergeten zijn wat er wel goed gaat. Dat raakt beiden. We zien ook dat bij de dingen die niet goed gaan vooral momenten met tijdsdruk lastig zijn. Eén van de dingen waar de vader van Jesse tegenaan loopt is het ochtendritueel. Daar wil hij graag verandering in. We spreken af dat we dit de volgende sessie verder gaan onderzoeken. 

Vader komt het tweede gesprek alleen. Samen onderzoeken we met de Ketting van gebeurtenissen (Teken je gesprek) hoe dit proces precies verloopt en welke oplossing er voor hem gaat werken. We gaan terug naar een recente situatie en schrijven alle dingen die toen gebeurden stap voor stap op papier. Vervolgens laat ik hem nadenken over welke gedachten hij over die situatie heeft en schrijf dit in de ketting. Daarna zoomen we in op het gevoel dat dit bij hem oproept en zetten dat erbij. Als alles op papier staat kijkt hij naar de tekening en vraag ik wat hem opvalt. Jacco geeft aan dat het verdriet oproept als hij er naar kijkt. Ik geef hem de ruimte en vraag op hij een oplossing ziet. Hij blijft lang stil, maar komt er niet op. Ik vraag naar waar hij behoefte aan heeft. Na een tijdje stil te zijn geweest merkt hij op dat hij behoefte heeft aan rust. Met dit inzicht laat ik hem goed naar de tekening kijken en na een tijdje ziet hij de oplossing. “Ik moet gewoon iets eerder opstaan, de deur van de kamer van Jesse open doen en zeggen dat ik vast naar beneden ga. Daar drink ik mijn kopje koffie en lees ik mijn krant.” Hij voegt toe; “ik zit nu steeds druk uit te oefenen en dan klapt hij juist dicht, nu geef ik hem de ruimte en komt hij vast wel uit zichzelf naar beneden.” Hiermee gaat hij naar huis en ik heb er vertrouwen in dat het gaat lukken!

Na 3 weken neem ik telefonisch contact op om te kijken hoe het gaat. Jacco zou nog bellen over een vervolgafspraak, maar die is hij helemaal vergeten omdat het zo goed gaat! Hij staat nog steeds iets eerder op om zijn eigen momentje te hebben en vertelt dat er weer rust is in het gezin. Niet alleen tijdens het opstaan en het aankleden, maar ook het samenspelen met zijn broertje gaat veel beter. 



Help, ik word gepest!

Geplaatst op 1 december, 2018 om 16:25

Gepest worden is heel vervelend en ouders zijn hier vaak bezorgd over. Terecht, zeker als het nieuws nare berichten brengt over de gevolgen die pesten teweeg brengen. Het is belangrijk om signalen van pesten altijd en in een vroeg stadium serieus te nemen. Luisteren, zonder oordeel, is essentieel voor een goede uitkomst. Als kindercoach wordt Annemarie Laseur regelmatig ingeschakeld om te helpen bij pestproblematiek.


Een paar weken geleden werd Anne bij mij in de praktijk aangemeld, een meisje van 7 jaar. Haar ouders maakten zich zorgen omdat ze gepest wordt. Ik ga met Anne in gesprek en ondersteun dit door het uit te tekenen volgens "Teken je gesprek", een visuele oplossingsgerichte coachmethode.

Ik vraag haar in welke situaties ze last heeft van het pesten en daar kiezen we één situatie uit die we verder gaan onderzoeken. Van die specifieke situatie maken we een ketting van gebeurtenissen. Al tekenend blijkt dat haar vriendinnen vaak onderling onenigheid hebben. Zij probeert het voor hun op te lossen en vervolgens leidt dat tot ruzie met andere meiden. Anne is een gevoelig meisje en kan niet tegen onrecht. Dat is een mooie eigenschap, maar belemmert haar nu in haar sociale contacten. Al tekenend is ze heel erg bezig de schuld te leggen bij haar klasgenoten en lijkt daar helemaal in vast te zitten. Ik laat het zo ... en als ze rustig is vraag ik of ze met mij naar de tekening wil kijken. Ik laat haar hierop reflecteren en stel de vraag; "Waar denk je dat het anders kan?" Het is prachtig om te zien dat ze zelf ontdekt dat ze zich onnodig met anderen bemoeit, met als nadelig gevolg dat ze ruzie heeft met meiden die niet eens met het conflict zijn betrokken. Er is verbazing, dat ze dat nu pas ontdekt. Dat wil ze niet meer! Daarom daag ik haar uit om enkele handige acties te bedenken en kiezen we helpende gedachten die haar daarbij helpen. Ze kiest drie kaartjes uit; iets niet weten is niet erg, ik ben sterk en ik vertrouw erop dat het steeds beter gaat. Vervolgens visualiseren we hoe het is als ze deze aanpak ook gaat toepassen in een groene ketting. Ze verlaat sterk en opgewekt de praktijk. Als ik haar na een week weer zie, staat er een ander meisje. Ze is vol zelfvertrouwen, staat rechtop en heeft een open en vriendelijke uitstraling. Ze vertelt vol trots dat ze geen ruzies meer heeft en dat het in de klas goed gaat. Ze voelt zich niet meer gepest en heeft een oplossing gevonden die voor haar werkt!

Meestal is paar gesprekken voldoende om het pesten te stoppen. Wat ik vaak merk in de praktijk is dat het pesten vooral gepest voelen is. Vaak lijkt het deze kinderen te overkomen en hebben ze geen gedragsalternatief. In gesprek gaan is nodig om deze denkfout bij kinderen op te sporen. Het is heel belangrijk dat het kind zelf onderzoekt wat er mis gaat en een eigen oplossing bedenkt. Dan gaat het werken, wordt een kind sociaal sterker en stopt het pesten, net als bij Anne. Soms is er meer nodig, in enkele gevallen is de groep zo onveilig dat een aanpak voor de hele groep nodig is.

Anne is nog één keer terug geweest. Het gaat heel goed met haar en de afgelopen maanden zijn er geen conflicten meer geweest. Ze heeft nog wel één belangrijke vraag; "Hoe komt het dat mijn vriendinnen nog niet zien dat ik echt anders ben?" Ik geeft haar de levensles mee van de erfenis, daarmee krijgt ze inzicht in sociale patronen. Nu begrijpt ze dat haar vriendinnen het gewoon nog niet zien dat ze verandert is en dat dat tijd nodig heeft. Het geeft haar rust, het ligt niet aan haar, het komt wel. Met dat vertrouwen verlaat ze de praktijk.


Ik ben bang dat ik blijf zitten

Geplaatst op 1 december, 2018 om 16:20

Emma, een vrolijke meid uit groep 7 komt al ruim een jaar bij mij in de praktijk voor haar dyslexie. Ik help haar voornamelijk bij het leren spellen en soms met de zaakvakken. Als ze een toets heeft vraagt ze zelf of ik haar kan helpen. Samen maken we dan een mindmap, zodat ze de samenhang van de lesstof beter ziet en het goed kan onthouden. Soms maken we een uitstapje en hebben we een gesprek over een probleem waar ze op dat moment tegenaan loopt. Zo ook vandaag.


Emma krijgt een dictee over de woorden die ze de afgelopen week heeft geoefend. In de eerste vijf woorden die ik dicteer zitten allemaal fouten. Ze schrijft slordig en snel, vergeet het stappenplan en verbetert veel. Soms krast ze het door, verbetert ze het en komt er toch weer op terug. Ze weet het zelf ook, want haar hand houdt ze over haar werk. Ik vermoed dat haar hoofd vol zit met van alles, waardoor ze haar gedachten er niet bij kan houden. Ik benoem wat ik zie en vraag haar of ze weet hoe het komt. Ze geeft inderdaad aan dat haar hoofd helemaal vol zit. Ik vraag haar of ze wil onderzoeken hoe het zit. Dat wil ze graag.

We tekenen een groot hoofd en zetten daar allemaal dingen in waar ze aan denkt. We gebruiken daarbij kleuren, groen voor fijne dingen, rood voor vervelende dingen en oranje voor de dingen daartussen in. Voor we het weten zit haar hoofd vol met leuke liedjes en dansjes, fijne gebeurtenissen van het weekend, maar ook een mopperende juf, werk dat niet af is, die stomme dyslexie, haar vriendinnen die allemaal naar het VWO gaan, dat ze dom is, dat ze thuis soms ruzie heeft met haar broers, ze bang is om te blijven zitten en dat ze niet naar het VWO kan. Het is veel, maar het opschrijven doet haar goed. Door het gebruik ontstaat overzicht en als we alles hebben mag ze één ding uitkiezen waar we verder op in gaan zoomen. Ze kiest het zittenblijven.

Met behulp van het faalangstsjabloon van Teken je gesprek brengen we al haar negatieve overtuigingen over het zittenblijven in beeld. In het rood en soms ook oranje tekenen we op hoe ze zich daarbij voelt en wat daarvan het resultaat is. Ze ziet al snel dat ze blijft piekeren over iets waarvan ze nu inziet dat ze het zelf allemaal bedenkt, het zit in haar hoofd en het wil er niet meer uit. Voor dat we naar de helpende gedachten gaan heeft ze al een mooie actie bedacht. Ze wil het met haar juf bespreken zodat ze zekerheid heeft. Natuurlijk slaan we ook de stap van het positief denken niet over en brengen we in het groen allemaal helpende gedachtes in kaart. Ze is verbaast dat het zo makkelijk gaat en wil graag de twee kaartjes "ik doe mijn best" en "het is goed zoals het is" meenemen naar huis. Op een leeg kaartje schrijft ze "als ik het wil, kom ik er op mijn manier!' Prachtig dat ze ineens veel steviger in haar schoenen staat en vol zelfvertrouwen is. Ze neemt een kopie van de tekeningen mee zodat ze die thuis en met haar juf kan bespreken.

Na een week brengt haar moeder haar dochter naar de praktijk. Ze is blij hoe het met haar dochter gaat en dankbaar voor mijn luisterend oor. Ze vertelt met dat ze het tijdens het uitlaten van de hond hebben gehad over het volle hoofd en alle dingen die haar dwars zaten. Er was ruimte voor verdriet en haar moeder toonde vooral begrip en troost. En bovendien is er weer heel veel gelachen.

 


Rss_feed